» » » Digitale geletterdheid verplicht in toekomstgericht onderwijs

Digitale geletterdheid verplicht in toekomstgericht onderwijs

Geplaatst in: Blog | 7

Afgelopen zaterdag om half drie zat ik klaar voor de livestream op de site van Onderwijs2032. Het definitieve advies van het Platform Onderwijs2032 werd gepresenteerd aan staatssecretaris Sander Dekker.

Hoewel ik persoonlijk het onderwerp onderwijs in brede zin een warm hart toedraag, was ik beroepshalve met name benieuwd naar de plek die mediawijsheid en digitale vaardigheden zou krijgen. In dit blog ga ik dan ook met name in op die onderdelen van het definitieve advies die betrekking hebben op mediawijsheid en digitale vaardigheden.

In het voorlopig advies op hoofdlijnen (oktober 2015) werd al wel genoemd dat er meer aandacht moet komen voor digitale vaardigheden (inclusief mediawijsheid) in het onderwijs. Dus dat geeft de burger en professional moed.

Goed begin is halve werk

Het begon al goed: de voorzitter van het platform, Paul Schnabel, begon zijn presentatie van het advies met de vijf kenmerken waar toekomstgericht onderwijs aan moet voldoen:

1. De leerling ontwikkelt kennis en vaardigheden door creativiteit en nieuwsgierigheid in te zetten;
2. De leerling vormt zijn persoonlijkheid;
3. De leerling leert omgaan met vrijheid en verantwoordelijkheid en over grenzen heen te kijken;
4. De leerling leert de kansen van de digitale wereld te benutten;
5. De leerling krijgt betekenisvol onderwijs op maat.

U leest het goed: nummer 4 gaat over de kansen van digitale media. Ein-de-lijk: de positieve insteek. Mijn dag kon niet meer stuk!

Balans tussen kansen en gevaren

Sinds de start van Social Media Wijs in 2011 hebben wij gekozen voor een positieve insteek ten aanzien van (sociale) media. Het zijn krachtige middelen die je in je voordeel kunt inzetten, bijvoorbeeld om te leren, communiceren of jezelf profileren. Destijds was dat behoorlijk onderscheidend omdat de rest van de ‘mediawijsheid-wereld’ erg druk was met waarschuwen voor de gevaren van (sociale) media. Online verslaving, privacy, pesten etc waren de dominerende onderwerpen. Natuurlijk ontkennen en bagatelliseren wij deze gevaren niet, maar de kansen en gevaren moeten wel in balans zijn wanneer je met kinderen en jongeren aan de slag en in gesprek gaat.

De insteek van het eindadvies is dus een verademing. Optimistisch gestemd door ben ik vervolgens het eindadvies gaan lezen.

De kansen van de digitale wereld

Eerst maar eens lezen wat er precies wordt verstaan onder ‘de kansen van de digitale wereld te benutten’. Volgens het platform maakt ‘toekomstgericht onderwijs leerlingen mediawijs en digitaal vaardig en stelt hen in staat om zich op dit vlak te blijven ontwikkelen.’

Dit wordt zo belangrijk geacht dat in het advies wordt gepleit om digitale geletterdheid op te nemen in de vaste basis van kennis en vaardigheden voor iedere leerling. Digitale geletterdheid moet dan ook onderdeel worden van het verplichte kerncurriculum als het aan het platform ligt.

Verplicht versus vrijblijvend

Advies Onderwijs2032Chapeau! Het platform bekent gelukkig kleur als het aankomt op digitale geletterdheid. Weg met de vrijblijvendheid!

Natuurlijk vinden de meeste scholen digitale geletterdheid belangrijk als je ernaar vraagt, maar er is zovéél belangrijk. Zo lang het onderwerp niet verplicht wordt vanuit de overheid (of zolang de school geen online incidenten heeft, bijvoorbeeld online pesten of sexting), maken veel scholen helaas toch andere keuzes. Maar natuurlijk zijn ook op dit gebied voorlopers in het onderwijs, die er wel bewust voor kiezen om hun leerlingen te leren om verstandig om te gaan met digitale media.

Mijn vraag is of de geadviseerde verplichting gaat uitmonden in een verplicht, apart vak? Dat kan ik niet goed uit het advies halen. Als er geen apart vak komt, dreigt er wellicht een herhaling van het thema ‘burgerschap en sociale integratie’. Ook wettelijk verplicht voor scholen, en toch besteden niet alle scholen er (veel) aandacht aan. Dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn.

Wat is digitale geletterdheid eigenlijk?

Digitale geletterdheid is een redelijk nieuw, maar geen onbekend begrip. De term is in 2012 geïntroduceerd door het Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen (KNAW). De KNAW pleit sinds die tijd voor een nieuw, verplicht vak in de onderbouw van havo/vwo en grondige vernieuwing van het keuzevak Informatica in de bovenbouw. Deze term is vrij snel daarna ook geadopteerd door stichting Leerplan Ontwikkeling (SLO) en in het 21st century model van Kennisnet.

Wat verstaat het platform eigenlijk onder digitale geletterdheid? In het advies staat te lezen dat:

‘Het Platform vindt dat leerlingen de kansen van de digitale wereld volop moeten leren benutten. Tegelijkertijd moeten ze zich bewust zijn van de gevolgen van hun mediagedrag.’

Dit vraagt om aandacht voor vier onderdelen:

– basiskennis van ICT;
– informatievaardigheden;
– mediawijsheid;
– computational thinking.

Gelukkig heeft Onderwijs 2032 het wiel niet opnieuw uitgevonden: deze onderdelen sluiten vrij naadloos aan op de eerdere beschrijvingen van KNAW, SLO en Kennisnet. Opvallend verschil is echter wel dat in het rapport van Onderwijs 2032 computational skills niet onder ICT-basiskennis wordt geschaard, maar apart wordt benoemd.

Qua uitleg en toelichting in het rapport van de onderdelen ICT-basiskennis, informatievaardigheden en mediawijsheid is ook niet veel nieuws onder de zon. Het platform heeft overigens wel de moeite genomen om een eigen (begrijpelijke!) definitie op te stellen van computational thinking:Computational thinking

Computational thinking richt zich op de vaardigheden om problemen op te lossen waar veel informatie, variabelen en rekenkracht voor nodig zijn. Het gaat om een verzameling denkprocessen, zoals logisch redeneren, patroonherkenning en systematisch denken.’

Er wordt vervolgens in een bijzin opgemerkt dat leerlingen dergelijke kennis en vaardigheden ook kunnen opdoen zonder technologie. Als ik dit lees, is programmeren als verplicht vak dus nog lang geen uitgemaakte zaak.

Het advies ligt er, en nu?

Staatssecretaris Dekker neemt het advies integraal over. Op de website van Onderwijs2032 staat vervolgens te lezen dat in de volgende fase een ontwerpteam het advies uitwerkt tot onderwijsinhoud op hoofdlijnen. Eind 2016 levert het ontwerpteam haar ontwerp op.

Wat vind jij: Moet in het ontwerp een apart vak ‘Digitale geletterdheid’ zitten? Of moet dat vrij in te vullen zijn door de school? Ik hoor graag jouw visie hierop!

LINDA VONHOF | SOCIAL MEDIA WIJS

7 Responses

  1. Karin Winters
    | Beantwoorden

    Ik denk dat er voor dit allemaal gaat gebeuren er eerst aan de digitale geletterdheid van de leraren maar ook ouders gedacht moet worden. Wanneer er een apart vak Digitale geletterdheid zou komen, vrees ik dat er weer lesmethoden en leerlijnen geschreven gaan worden en dat is volgens mij niet de bedoeling van het herontwerp. Ik vind dat digitale geletterdheid een vanzelfsprekend onderdeel hoort uit te maken van alle vakken/thema’s. Eigenlijk hoort het bij “burgerschap”en zou het mooi zijn als in het kerncurriculum telkens een kopje “digitale geletterdheid” zou komen.
    Maar ja….zover zijn we nog niet.

    • Linda Vonhof
      | Beantwoorden

      Hi Karin, bedankt voor je reactie. Helemaal eens dat er nog een wereld is te winnen bij docenten en ouders (en op de pabo). Dat wordt in het rapport ook onderkend bij de beschrijving van de randvoorwaarden.
      Ben je niet bang dat als er geen apart vak komt dat digitale vaardigheden alsnog te weinig aan bod gaan komen? We vinden nu ook al dat deze vaardigheden bij elk thema en vak aan de orde zouden moeten komen, maar dat gebeurt maar mondjesmaat.

  2. Tineke Woudwijk
    | Beantwoorden

    Even ingaand op jouw vraag: ik denk niet dat er een apart vak ‘Digitale geletterdheid’ hoeft te komen. Er zijn inmiddels zoveel manieren waarop digitale geletterdheid geïntegreerd kan worden in de dagelijkse lessen. Je moet mijn inziens computational thinking structureel integreren in je lesaanbod. Wel kan ik me indenken dat er daarnaast nog een aantal punten zijn waar je als leerkracht/docent extra aandacht aan kunt geven, bv mediawijsheid, programmeren etc.

    • Linda Vonhof
      | Beantwoorden

      Hallo Tineke, dank voor je reactie. Interessant idee tav computational thinking!

  3. Karin Sieders
    | Beantwoorden

    Dat is best een lastige. Als je digitale geletterdheid als apart vak aanbiedt, dan benadruk je mijn inziens wel het belang. Ten minste als je uitgaat van het huidige perspectief op het onderwijs waarin vakken als Nederlands en Engels toch een aanzienlijk groter belang hebben dan burgerschap. Aan de andere kant is het ook vreemd om digitale geletterdheid als een apart vak aan te bieden omdat het in (bijna) alle vakken al een plek inneemt. Hoe mooi is het dan om dit te integreren en het op die manier aan te leren. Maar dat betekent dat docenten wel de competenties moeten hebben om dat te kunnen. Ben het eens met Karin dat dat nog niet het geval is. Wellicht is de weg eerst: en/en? //slimmetmedia.nl/digitale-geletterdheid-als-apart-vak/

  4. André Schepers
    | Beantwoorden

    Digitale geletterdheid hoeft niet per se als apart vak worden aangeboden in het onderwijs. Net zo min dat programmeren verplicht moet worden. Het onderwijs en met name primair basis onderwijs mag zeker wel gevarieerder en met de tijd mee. Lesstof die klassikaal digitaal wordt aangeboden is een stap in de richting voor 2032. Taal, rekenen, aardrijkskunde, mediawijsheid, anti pest protocollen, Engels, vorm herkenning etc. kunnen klassikaal digitaal worden geleerd. De huidige leerlibgen leven nu eenmaal in een digitaal tijdoerk waardoor de huidige sociale media, de valkuilen en consequenties ook aan bod zullen moeten komen. Laat bestaande leermiddelen implementeren in digitaal onderwijs en vul deze aan met de lesstof die nodig is voor de leerlingen om zich staande te kunnen houden in de digitale maatschappij.

  5. G. Lhoest
    | Beantwoorden

    ” Als er geen apart vak komt, dreigt er wellicht een herhaling van het thema ‘burgerschap en sociale integratie’. Ook wettelijk verplicht voor scholen, en toch besteden niet alle scholen er (veel) aandacht aan. Dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn.”
    Hetzelfde geldt voor mediawijsheid.
    De behoefte is er wel, zowel bij leerlingen als docenten maar scholen kunnen/willen er onvoldoende in investeren om het geïntegreerd of als los vak van de grond te krijgen. Tijd en middelen dienen vrijgemaakt te worden, en een 5-jarig doel hebben om het gerealiseerd te krijgen.
    Daarbij docenten op voet van gelijkwaardigheid dienen samen te werken met externe experts, instructeurs, mediacoaches en mediathecarissen. Deze laatste beschikken al over vele digitale vaardigheden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *