» » » De nieuwe mediawet en YouTube

De nieuwe mediawet en YouTube

Geplaatst in: Nieuws 0

Geen sluikreclame meer door ‘social influencers’ op YouTube. Sinds 1 november 2020 is namelijk de mediawet gewijzigd. De belangrijkste aanpassing in de nieuwe mediawet is dat ‘videoplatformdiensten’ zoals Netflix en YouTube nu ook onder de mediawet vallen. In dit bericht praten we je bij wat dit betekent voor video’s op YouTube.

Mediawet

Niet alleen YouTube zelf moet zich houden aan de regels in de mediawet, deze wet geldt ook voor sommige YouTube kanalen. YouTube kanalen die voldoen aan bepaalde criteria, zoals een groot bereik en economisch dienstverlening (geld verdienen), worden gezien als commerciële mediadiensten. Deze kanalen moeten uit hoofde van deze wet zich sindskort o.a. aan regels houden op het gebied van reclameboodschappen, sponsoring en productplaatsing. Ook moeten kinderen worden beschermd.

Let op: andere sociale media zoals Instagram, Facebook en TikTok vallen niet onder de noemer videoplatformdienst en daarmee vallen ze ook niet onder de nieuwe mediawet.

Reclame op sociale media

Er wordt natuurlijk al lange tijd reclame gemaakt op sociale media. Het is ook niet zo dat er tot 1 november helemaal geen controle was op reclame via sociale media. Naast de mediawet, waarop toezicht wordt gehouden door het Commissariaat voor de Media (CvdM), heeft de de Stichting Reclame Code (SRC) regels opgesteld waaraan verantwoorde reclame moet voldoen.

In 2014 is door de SRC zelfs een speciale reclamecode voor ‘social influencers’ opgesteld. Social influencers zijn personen die, vanwege hun grote aantal volgers op sociale media, succesvol hun publiek weten te overtuigen wat betreft hun meningen, voorkeuren en levensstijl. In deze speciale reclamecode wordt opgeroepen om ‘transparant te zijn over de relatie tussen influencer en adverteerder als voor het bespreken of tonen van een merk of product een bepaald voordeel is geboden zoals vergoeding in geld of natura, zoals een gratis product‘ (bron: Wikipedia). Deze code geldt, in tegenstelling tot de nieuwe mediawet, wel voor alle sociale media.

De SRC controleert trouwens niet pro-actief op naleving van de regels. Er wordt uitgegaan van zelfregulering. Ook leggen zij geen boetes op. Consumenten kunnen een klacht indienen wanneer zij vinden dat de regels worden overtreden. De Reclame Code Commissie (onderdeel van de SRC) doet dan onderzoek en publiceert haar uitspraak. Deze uitspraak kan door ‘naming & shaming’ reputatieschade opleveren voor de betreffende social influencer.

Social Code: YouTube

De afgelopen jaren is gebleken dat steeds meer social influencers zich houden aan de reclamecode. YouTubers hebben in 2017 zelf de ‘Social Code:YouTube‘ in het leven geroepen met aanbevelingen hoe transparanter te zijn over gesponsorde berichten. Helaas bleken deze aanbevelingen niet voldoende en daarnaast hielden nog lang niet alle YouTubers zich aan de diverse codes.

Nu de mediawet ook geldt voor social influencers op YouTube, kunnen er dus wel degelijk boetes worden opgelegd. De verwachting is dat dit een krachtiger preventiemiddel is dan het ‘namen en shamen’ van de overtreder door de RCC.

Kinderen beschermd tegen productplaatsing

Er zijn verschillende manieren om reclame te maken via een video: een reclameboodschap, sponsoring en productplaatsing. Voor alle manieren geldt in ieder geval dat vermeld wordden at reclame wordt gemaakt, bijvoorbeeld aan het begin en/of einde van de video. Als er geen vermelding wordt gemaakt dan spreken we van ‘sluikreclame’.

Sluikreclame zie je vooral gebeuren in de vorm van productplaatsing. Productplaatsing betekent dat ‘tegen betaling producten en merken in beeld worden gebracht of genoemd in een context waarin men geen reclame verwacht’ (bron: Algemeen Nederlands Woordenboek). Voor productplaatsing gelden vanuit de nieuwe mediawet dan ook aanvullende voorwaarden. Dit kan verboden zijn, bijvoorbeeld als je video’s een doelgroep hebben van kinderen jonger dan 13 jaar.

Kinderen herkennen reclame niet

Voor media zoals de televisie en radio geldt dit verbod omtrent productplaatsing al. En dat is maar goed ook. Uit onderzoek van het CvdM blijkt dat het voor kinderen en laag opgeleide jongeren lastig is om een commerciële boodschap te onderscheiden van een niet-commerciële boodschap.

Reclamewijsheid is een belangrijk onderdeel van mediawijsheid. In ons lesmateriaal heeft dit een vaste plek, naast o.a. sociale veiligheid, online respect en nieuwswijsheid. Wil jij met je leerlingen aan de slag? Kijk dan eens naar ons aanbod van lesmateriaal en gastlessen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *